Posts tonen met het label Recensie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Recensie. Alle posts tonen

zondag 17 januari 2010

Recensie: Spoon - Transference

TransferenceSpoon viert dit jaar al zijn zeventiende verjaardag, en doet dat met hun zevende album, Transference. In 2002 braken ze door. Hun album Kill The Moonlight werd een groot succes en de daaropvolgende albums Gimme Fiction (2005) en Ga Ga Ga Ga Ga (2007) zetten die trend voort. Niet iedereen is even enthousiast over Spoon, want hoewel ze het niet zullen haten, vinden sommige het een beetje te veel van hetzelfde. Met Transference is misschien voor hen ook een verschil te horen. Het is namelijk wat donkerder en ruiger. Alleen al de titels van de nummers hebben al iets pessimistisch wat voorgaande albums niet hadden. Het is niet zo dat wat Spoon Spoon maakt is verdwenen, maar bijvoorbeeld de eerste single Written in Reverse is toch iets ruiger dan wat we gewend zijn van deze band uit Austin, Texas.

De grungeliefhebbers zullen direct enthousiast zijn over dit album. Het openingsnummer Before Destruction is namelijk onverbloemde grunge! Vervolgens stelt Britt Daniel zich in een echoënde tunnel de vraag: Is Love Forever? Dit begint even plotseling als het is afgelopen, en is verder niet heel bijzonder. Vervolgens is er een zit van vijf minuten met het nummer The Mystery Zone. Een beetje onbevredigend is dit nummer wel. Je verwacht iets na het refrein dat niet komt. Het komt niet echt op gang, al wordt dit wel geprobeerd met kleine veranderingen in de melodie, maar ik kan me niet aan de gedachte onttrekken dat er iets mist.

Who Makes Your Money is een heerlijk 'trippend', ietwat funky nummer... I Saw The Light en Out Go the Lights hebben niet alleen donkere titels, maar zijn dat ook. Beiden hebben ook relatief lange instrumentele solo's (respectievelijk piano en gitaar). Goodnight Laura heeft ook weer zoiets donkers over zich heen, maar is verder wel een 'mooi rustig pianonummer'. Het één na laatste nummer, Got Nuffin, is een lekker rocknummer en één van de betere nummers van het album. Het afsluitende nummer, Nobody Gets Me But You, stelt helaas niets voor, en dat bedoel ik letterlijk, het gaat namelijk geruisloos aan me voorbij.

Nu mijn eindoordeel: laat ik zeggen dat ik het lastig vind. Het is namelijk best anders dan hun vorige albums. Het nummer Written in Reverse vind ik geweldig. Toch staan er ook een aantal nummers die niet slecht klinken, maar ook niet zo goed zijn, dat ze het tot een album maken dat je niet snel vergeet. Misschien komt dit omdat ik toch iets anders gewend ben bij Spoon, of omdat ik het album wat vaker op 'repeat' moet gaan zetten omdat het beter wordt naarmate je het meer luistert... Maar op dit moment is het gewoon niet meer, maar ook niet minder dan een leuk album, waarmee Spoon een donker zijweggetje heeft ingeslagen.

Lees verder...

vrijdag 15 januari 2010

Recensie: Good Shoes - No Hope, No Future

No Hope, No FutureWie is die ex van Rhys Jones toch? In ieder geval is zij het onderwerp van No Hope, No Future, het tweede album van Good Shoes. Het duurde lang en in het geval deze ‘break-up’ nodig was voor dit album, dan - het spijt me voor Jones – ben ik die ex toch erg dankbaar. Het album heeft namelijk een heerlijke binnenkomer. The Way My Heart Beats is een lekker energiek punknummer dat overgaat in een heerlijk loom refrein. Helaas zakt de adrenaline direct daarna naar een dieptepunt met Everything You Do. Het lijkt alsof dit er per ongeluk tussen is gekomen, vlak voordat het album geperst werd waardoor dit niemand meer is opvallen. Zo energierijk als het openingsnummer is en zoals we Good Shoes kennen, zo traag en ongeïnspireerd is het tweede nummer. Ik kan er veel woorden aan vuil maken, maar ik houd het bij een advies: sla dit nummer over.

Het lijkt op een grote fout te berusten, want de daaropvolgende nummers I Know en Under Control, zijn weer twee die thuishoren bij een band als Good Shoes. I Know zit knap in elkaar en heeft net als het eerste nummer een pakkend refrein. Under Control, de eerste single van deze Londonse band, lijkt geschreven door hun stadsgenoten van The Rakes, in ieder geval is het er sterk door beïnvloed.
Do You Remember en Our Loving Mother In A Pink Diamond worden voor mij steeds beter naarmate ik ze vaker hoor. Times Change vind ik een zeer sterk nummer dat helaas weer wordt gevolgd door twee nummers die ze ook net zo goed weg hadden kunnen laten. Vooral met het tot vervelens toe repeterende Then She Walks Away hadden ze wat meer mogen doen. Nu komt het komt over als een nummer dat ze in het laatste kwartier van de studiotijd verzonnen hebben en waarvan ze vervolgens het refrein net zo lang herhaald hebben totdat de lengte van het totale album precies op een half uur kwam. City By The Sea is een rustig nummer, maar wel melodierijk, en geeft je ergens een voldaan gevoel.

No Hope, No Future lijkt niet toepasselijk op Good Shoes. Er zaten drie echt slechte slechte nummers tussen en daarom kan je dit album geen grote stap voorwaarts noemen vergeleken met Think Before You Speak (uit 2007), maar een stijgende lijn hoor ik wel. Die toekomst voor Good Shoes zit dus wel goed, maar ze mogen wel wat kritischer worden op hun eigen nummers.

Lees verder...

dinsdag 12 januari 2010

Recensie: OK Go - Of The Blue Colour Of The Sky

Of The Blue Colour Of The SkyHet grote publiek zal hen kennen van het nummer Here It Goes Again, en dan vooral de videoclip. Die vier slungelige jongens die vooral goed konden dansen op loopbanden… Weet je het weer? Wat de meesten niet weten is dat zij al twee albums hebben uitgebracht, hun titelloze debuutalbum en Oh No waar ook de genoemde youtube-hit op stond. Heel boeiend zijn deze twee albums niet, tenzij je heel erg van powerpop houdt, hier stonden de twee albums namelijk vol mee, en geloof me… Dat gaat snel vervelen. Toch keek ik uit naar hun nieuwe album Of The Blue Colour Of The Sky. De producer van MGMT en The Flaming Lips en bassist bij Mercury Rev, Dave Fridmann, zag blijkbaar wel iets in deze band uit Chicago, en is dus de producer van OK Go’s derde album.

Fridmann’s invloed is vanaf de eerste maat van WTF? al te horen. De powerpop is niet helemaal verdwenen, maar het voorspelbare is verdwenen dankzij de ‘geluidjes’ die toegevoegd zijn. De twee daaropvolgende nummers, This Too Shall Pass en All Is Not Lost zijn de 'meezingers' van het album, vooral het eerstgenoemde nummer blijft nog uren in je hoofd hangen. Hierna volgt het vijfminuut durende Needing/Getting en dit is werkelijk een verademing. De overheersende stem van Damian Kulash is hier tot rust gekomen en dat in combinatie met lange puur instrumentele stukken maakt dit tot één van de beste nummers van het album. Dan is er nog het catchy White Knuckles en I Want You So Bad dat leuk klinkt en iets weg heeft van Franz Ferdinand. De vocoder is tevoorschijn gehaald voor Before The Earth Was Round en dit maakt het in combinatie met spacey geluiden tot een lekker psychedelisch nummer. Het is vreemd opkijken als Last Leaf volgt, een volledig akoestisch nummer. Back From Kathmandu is een goed uitgevoerde knipoog naar The Beatles.

De tien minuten die door de twee daaropvolgende nummers worden gevuld hadden ze wat mij betreft weg kunnen laten. Wat de bedoeling was met het langdradige While You Were Asleep en In The Glass is mij niet duidelijk. Tenzij dat laatste nummer bedoeld was als knipoogje naar Radiohead. Jammer dat de kwaliteit van vooral de laatste twee nummers ver te zoeken was, want het begon zo goed. Desondanks heeft OK Go met Of The Blue Colour Of The Sky toch laten zien wat meer te kunnen dan een beetje dansen op een loopband, maar of dit ook mogelijk was zonder producer Dave Fridmann betwijfel ik.

Lees verder...

maandag 11 januari 2010

Recensie: Vampire Weekend - Contra

ContraEen explosieve start maakte Vampire Weekend mee in 2008 met hun titelloze debuutalbum. Geen enkel lijstje kon om dit album heen en de critici kwamen superlatieven tekort om deze band te beschrijven. Ook betekende het een revival van de wereldmuziek, de Afrikaanse trommels waren na Paul Simon's Graceland verdwenen uit de popmuziek. Een grote druk rustte er dus op de schouders van Ezra Koenig en zijn band voor hun volgende album. Mochten ze die druk gevoeld hebben, dan is dit in ieder geval niet ten koste gegaan van de kwaliteit van het album, want die is uitstekend, wel is het album aan de korte kant (36 minuten). Dat laatste is eigenlijk een compliment, want er zijn genoeg bands die hun plaat aanvullen met soms bedroevend slechte nummers die het luisterplezier alleen verpesten. Daarnaast wordt Contra, net als hun debuutalbum, beter naarmate je hem meer luistert, zet hem dus gerust op repeat.

Het album begint met het catchy Horchata. White Sky is een lekker nummer, waar de invloed van Graceland zeer aanwezig is en Ezra Koenig niet bang is om hoog uit te halen. Holiday is als een vakantie op de Caraïben; een lekker nummer met een relaxt Caribisch deuntje. Tot rust komen kan in de Taxi Cab, waar de piano tevoorschijn is gehaald. Als je weer genoeg energie hebt, dan kan je het up-tempo Cousins opzetten, dat lekker dansbaar is en hitpotentie heeft. Het voorlaatste nummer, Diplomat's Son, is weer een mooie mix van Latijns-Amerikaanse en Afrikaanse muziek, duurt zes minuten en is mijn persoonlijke favoriet. Contra sluit af met I Think Ur A Contra. Ezra Koenig zingt hier bijna a capella en opvallend hoog en dat beide loepzuiver. De ontwikkeling van Vampire Weekend heeft niet stilgestaan en dat bewijst dit prachtige album.

Lees verder...

Recensie: Delphic - Acolyte

AcolyteDe verwachtingen waren hoog voor de vier heren uit Manchester, die met hun indieband Delphic eerder dit jaar al twee singles hebben uitgebracht. Dat er vergelijkingen worden gemaakt met New Order, de in de jaren '80 zeer succesvolle band uit Manchester, is niet verrassend. Counterpoint lijkt deels geïnspireerd op deze new wave band net als de nieuwe single Doubt. Maar een slechte ripoff van deze band is Delphic niet, in tegenstelling, ze produceren een eigen geluid en maken de hoge verwachtingen helemaal waar met hun eerste album.

Het album, dat rustig opent met Clarion Call, is een must-have voor techno-liefhebbers. Erwin Pearson, de in Berlijn wonende DJ, is de producer van dit album, en de in de Duitse hoofdstad bruizende techno is te horen in vrijwel elk nummer. Het titelnummer van Acolyte heeft een prachtige opbouw, waarbij ambient wordt gevolgd door een stevige beat, zonder dat dit geforceerd klinkt. Dat laatste is knap, omdat veel biepjes en sfeerwisselingen er toe kan leiden dat het niet meer als een geheel klinkt, wat een plaat geen goed doet. Deze nummers klinken wel als geheel en hebben veel hitpotentie, Counterpoint, This Momentary en Doubt zijn nu al op single uitgebracht, Red Lights, kan wat mij betreft volgen. Het moet een uitzonderlijk vruchtbaar muzikaal jaar worden, wil dit album niet hoog eindigen in mijn eindejaarslijstje.

Lees verder...

zondag 10 januari 2010

Recensie: Gov't Mule - By A Thread

By A ThreadWarren Haynes's project Gov't Mule, dat al bestaat sinds 1994, heeft weer een prachtig blues album afgeleverd, waar de bas overuren maakt. Het album pakt je direct in met Broke Down on the Brazos, waar we kennis maken met de nieuwe bassist van deze band Jorgen Carlsson. Railroad Boy is een nummer dat prima zou passen in een Western film. Hierna volgt een acht minuten durende psychedelische trip, Monday Mourning Meltdown.

Twee mindere nummers vind ik Frozen Fear en Forevermore. Deze zijn een beetje geforceerd en passen niet bij de rest. Slechte nummers zijn het niet, maar het valt er een beetje buiten. Gelukkig volgt hierna een rauwe blues, Inside Outside Woman Blues #3, die de jaren '60 sfeer weer helemaal terugbrengt. Een beetje jammer dat dit over het algemeen zeer goede album afsluit met World Wake Up. Natuurlijk is het mooi dat ze zo betrokken zijn bij de wereld, maar dit nummer hadden ze beter kunnen bewaren voor een benefiet CD van een goed doel. Sla de drie mindere nummers over en je houdt nog steeds dik vijftig minuten aan blues rock over. Een geslaagd album dus, dat zeker gehoord mag worden!

Lees verder...

zaterdag 9 januari 2010

Recensie: Blakroc - s/t

BlakrocMet hiphop heb ik niets. De teksten zijn zo voorspelbaar als het weer op Hawaii, en de producers lijken afkomstig uit dezelfde stamcel. Blakroc heeft me ervan overtuigd dat niet alle hiphop zo hoeft te zijn. De heren van de blues/rockformatie The Black Keys en een ‘delegatie’ uit de hiphopscene hebben hun krachten gebundeld waaruit een bijzondere mix is ontstaan van blues, rock en vooral hiphop.

Zo lekker als Coochie in je mond ligt, zo lekker loopt dat openingsnummer ook. De blingbling die een groot deel van de hiphop zo voorspelbaar maakt komt ook terug in een heerlijke parodie daarop genaamd Dollaz & Sense. Heb je echt geen enkele zin om deze hiphop een kans te geven, maar houd je verder wel van de blues die The Black Keys normaal maken, geef What You Do To Me dan even een kans. Wat een onweerstaanbare groove heeft dat nummer! Al eerder is er naar vernieuwing binnen de hiphop gestreefd, maar Blakroc heeft pas bewezen dat dit ook succesvol kan zijn. Zal 2010 het jaar worden van meer van dit soort experimenten? Van mij mag het!

Lees verder...

Recensie: Kings of Convenience - Declaration of Dependence

Declaration of DependenceVijf jaar was het wachten op een nieuw album van deze Noorse versie van Simon & Garfunkel. In tegenstelling tot het Amerikaanse duo zijn de noren nog wel vrienden, in ieder geval hebben ze in oktober weer samen een plaat uitgebracht. Erlend Øye en Eirik Glambek Bøe hebben misschien veel stilgezeten, want Declaration of Dependence is verre van vernieuwend.

Het klinkt allemaal leuk, maar het blijft een beetje op de vlakte. Hetzelfde trucje, maar een positieve uitschieter als I’d Rather Dance with You ontbreekt. Voor de echte fans is dit een leuk album, maar je mist niets als je deze overslaat. Ik hoop dat dit een dipje was en dat een volgende plaat sneller verschijnt dan de vijf jaar die we op deze hebben moeten wachten. In ieder geval zijn ze nog bij elkaar, dat is het positieve aan dit album!

Lees verder...

Recensie: King Midas Sound - Waiting For You

Waiting For YouDeze plaat werkt vervreemdend. King Midas Sound bestaat uit Kevin Martin, die we kennen van The Bug, Roger Robinson en Hitomi. Kevin Martin heeft de dubstep meegenomen naar dit project, maar het geluid van King Midas wordt vooral bepaald door de duistere, onheilspellende teksten van Roger Robinson. In Earth a Killya pleit Robinson voor respect voor de natuur, anders zal moedertje natuur wel even orde op zaken stellen.

Nog onheilspellender klinkt Meltdown, dat ik het beste nummer van het album vind. Een echte uitschieter is het niet, daarmee zou ik de rest van deze drie kwartier durende plaat tekort doen. De stem van Roger Robinson en de door Kevin Martin gekozen geluiden vormen overal zo’n prachtig geheel. Een ander pluspunt is de lange houdbaarheid: ik heb het album nu drie keer als geheel geluisterd en vervelen doet het nog geen moment. Deze plaat ga ik dit jaar vaker draaien, Cool Out!

Lees verder...

Recensie: Sufjan Stevens - The BQE

The BQESufjan Stevens heeft mij weer verrast met een uitzonderlijk goed album. Op de cover van het album afgaand verwacht je niet veel, maar het blijkt maar weer dat schijn bedriegt. Op de cover is de The Brooklyn-Queens Expressway (The BQE, vandaar die vreemde titel) afgebeeld, de verkeersader die de inspiratie is van het album, met daarboven een onleesbare tekst in graffiti waar als ik na lang kijken alleen de titel van het album ontmaskerd heb, en er maar van uitga dat de hiërogliefen daarboven die andere naam uitbeeldt.

Zingen doet hij niet op dit album, dus de fans van Sufjan Stevens als singer-songwriter moet ik teleurstellen, tenzij ze natuurlijk net als ik ook kunnen genieten van een door een orkest uitgevoerd meesterwerk van zijn hand. Het doet klassiek aan, maar nergens is het aan ‘stoffige’ regels onderworpen. Er zitten pianostukken in die mij als leek in de klassieke muziek doen denken aan de nocturnes van Chopin en een strijkorkest alsof het door Debussy is gecomponeerd.

Het album lijkt te beginnen met een monotoon geluid, maar na enkele seconden deed het mij denken aan twee orkesten die in de verte door elkaar spelen. De spanning loopt langzaam op en wordt afgelost door het geschetter van blazers. Zelf luisterde ik dit in een rustige treincoupé en sloot me af van de buitenwereld, wat de volgende trip opleverde. Movement II deed mij in een klassieke sprookjeswereld belanden. Ook Movement III had dat sprookjesachtige, maar daarbij kwam ik in een Amélie-achtige setting terecht, wat misschien wel kwam omdat het bij vlagen iets weg had van de door Yann Tiersen geschreven soundtrack. De droom werd onderbroken door Movement IV. Dit is een elektronische uitvoering van Movement III waarmee hij lijkt te voorkomen dat het album wordt gekaapt door figuren die alleen de klassieke muziek hoog aanslaan, al zullen die waarschijnlijk al zijn verjaagd met de cover en het openingsnummer. Het album bestaat verder uit interludes met aan het begin een prelude en natuurlijk een postlude als afsluiter. In dit laatste nummer sterft het orkest langzaam weg, waarna je tot de conclusie komt dat je naar een briljante compositie hebt geluisterd van alleskunner in de muziek, Sufjan Stevens.

Lees verder...

donderdag 7 januari 2010

Recensie: Built to Spill - There Is No Enemy

There Is No EnemyHet is ze weer gelukt. Al sinds 1992 is de band van Doug Martsch actief, maar een slecht album hebben zij nog niet geleverd. Built to Spill neemt er dan ook altijd ruimschoots de tijd voor - hun vorige album, You in Reverse, stamt uit 2006 - maar het is ook op het zevende album duidelijk dat de gitaar van Martsch weinig rust heeft gehad.

Verveling slaat niet toe door een mooie variatie van drukke en rustige nummers en ook binnen de nummers zelf treedt de nodige variatie op. Dit is ook nodig, want een meerderheid van de nummers duurt langer dan vier minuten. Op dit album dat bijna een uur duurt staan geen albumvullers. Het bijna acht minuten durende Tomorrow is een passende afsluiting van wederom een prachtig album.

Lees verder...

Recensie: DeWolff - Strange Fruit and Undiscovered Plants

Strange Fruit and Undiscovered PlantsTerecht dat deze muziek op vinyl te beluisteren is. Als je niet beter wist zou je zeggen dat het een bandje uit de psychedelische jaren '60 en '70 is. Bands als Led Zeppelin, Deep Purple, Cream, Pink Floyd en The Animals hoor je terug. Mijn favoriete nummer Medicine heeft iets weg van het door Eric Burdon en The Animals gezongen House of the Rising Sun en dat is positief bedoeld.

Het mag dan niet origineel heten omdat 'het al eens is gedaan', veertig jaar geleden, já! Maar dit is het beste halen uit de muziek die tot dertig jaar geleden gemaakt werd en er iets nieuws van bouwen zonder de magie uit die tijd om zeep te helpen. Had ik al verteld dat de zanger nog maar vijftien jaar oud is? Als ze zo doorgaan, zullen we nog veel van hen gaan horen.

Lees verder...